Wat betekent EPC?
EPC staat voor « Energieprestatiecertificaat ». Het is een Belgisch beoordelingssysteem dat het energieverbruik van een gebouw meet in kWh/m²/jaar en er een label aan toekent van A (meest energiezuinig) tot G (meest energieverslindend). In Wallonië en Brussel gebruikt men de term PEB (Performance Énergétique des Bâtiments).
EPC staat voor Energieprestatiecertificaat. Deze term verwijst zowel naar de regelgeving die de energie-efficiëntie van gebouwen in België reguleert als naar het officiële certificaat dat eruit voortvloeit. De EPC-regelgeving vindt haar oorsprong in de Europese richtlijnen over de energieprestatie van gebouwen (EPBD).
Concreet is het EPC-certificaat een officieel document dat de energieprestatie van een gebouw evalueert en classificeert op een schaal van A (uitstekend) tot G (zeer slecht). Het houdt rekening met alle kenmerken van het gebouw die het energieverbruik beïnvloeden.
Het EPC is een onmisbaar instrument geworden op de Belgische vastgoedmarkt. Verplicht bij elke verkoop of verhuur, stelt het kopers en huurders in staat de energieprestaties van eigendommen objectief te vergelijken en de verwarmingskosten te anticiperen.
PEB, EPB, EPC: de verschillen
De veelheid aan acroniemen kan verwarrend zijn. PEB (Performance Énergétique des Bâtiments) is de Franstalige term in Wallonië en Brussel. EPB (Energieprestatie en Binnenklimaat) is de Nederlandstalige term voor de regelgeving in Vlaanderen. EPC (Energieprestatiecertificaat) verwijst specifiek naar het certificaat in Vlaanderen.
In de praktijk dekken deze termen hetzelfde fundamentele concept: een gestandaardiseerde evaluatie van de energieprestatie van een gebouw. De berekeningsmethoden en classificatiedrempels verschillen echter tussen de Gewesten. Een gebouw met klasse C in Wallonië zou niet noodzakelijk klasse C krijgen in Vlaanderen.
Het is belangrijk het EPC-certificaat (voor bestaande gebouwen) niet te verwarren met de EPB-aangifte (voor nieuwbouw of zware renovaties). De EPB-aangifte wordt opgesteld door een aangewezen EPB-verantwoordelijke en controleert of het nieuwe gebouw voldoet aan de geldende regelgevende eisen.
Waarvoor dient het EPC-certificaat?
Het EPC-certificaat vervult meerdere sleutelfuncties op de Belgische vastgoedmarkt. De eerste functie is transparantie: het stelt kopers en huurders in staat de energieprestatie van een eigendom te kennen voordat ze zich engageren.
Het EPC-certificaat dient ook als hefboom voor energetische renovatie. Het identificeert de zwaktes van het gebouw en suggereert verbeteringen. De Gewesten gebruiken het EPC als basis voor hun premiebeleid en renovatieverplichtingen.
Tot slot beïnvloedt het EPC-certificaat direct de vastgoedwaarde. Studies tonen aan dat een verschil van twee EPC-klassen (bijvoorbeeld van D naar B) 10 tot 15% verschil kan uitmaken op de verkoopprijs. Banken houden er ook rekening mee bij het verlenen van hypothecaire kredieten.
Hoe wordt het EPC berekend?
De berekening van het EPC steunt op een gestandaardiseerde methodologie die door elk Gewest is vastgelegd. De certificeerder voert in de officiële software alle kenmerken van het gebouw in die tijdens het bezoek zijn waargenomen. De software berekent vervolgens het theoretische primaire energieverbruik, uitgedrukt in kWh/m².jaar.
De belangrijkste parameters zijn: de isolatie van de gebouwschil (dak, muren, vloeren, ramen), het type en rendement van het verwarmingssysteem, de warmwaterproductie, het ventilatiesysteem, eventuele hernieuwbare energieinstallaties en de geometrische kenmerken van het gebouw.
Het is belangrijk te begrijpen dat het EPC een theoretisch verbruik berekent op basis van een gestandaardiseerd gebruik van het gebouw, en niet het werkelijke verbruik van het gezin. Twee gezinnen in dezelfde woning kunnen zeer verschillende verbruiken hebben afhankelijk van hun gewoonten. Het EPC maakt dus een objectieve vergelijking mogelijk.
De EPC-klassen van A tot G
De EPC-schaal gaat van A (beste prestatie) tot G (zwakste). In Wallonië zijn de drempels: klasse A (minder dan 45 kWh/m².jaar), klasse B (45 tot 85), klasse C (85 tot 170), klasse D (170 tot 255), klasse E (255 tot 340), klasse F (340 tot 425) en klasse G (meer dan 425 kWh/m².jaar). De drempels variëren licht in Brussel en Vlaanderen.
Het merendeel van het Belgische vastgoedpark bevindt zich in de klassen D tot F, wat de ouderdom van het gebouwenbestand en het gebrek aan isolatie van veel constructies van voor de jaren 1980 weerspiegelt. Nieuwbouw, onderworpen aan strenge normen, bereikt doorgaans klasse A of B.
Elke klasse heeft een concrete impact op de energiekosten. Een woning van 100 m² met klasse G verbruikt ongeveer 5 tot 7 keer meer energie dan een woning met klasse A, wat een verschil van 2.000 tot 4.000 € per jaar aan verwarmingskosten kan betekenen.